Beschouwing jaarstukken 2019, 1e turap en kaderbrief 2021

De raadsvergadering van donderdag 1 juli jl. stond in het teken van de financiële (jaar)stukken. De beschouwing op de jaarstukken 2019, 1e tussentijdse rapportage en de kaderbrief 2021 namens B06 is hieronder terug te lezen.

Voorzitter,

Na de beschouwing over de begroting 2020 vond de wethouder financiën, dat ik haar te hard had aangepakt. Daarom wil ik nu graag beginnen met het geven van maar liefst 2 complimenten.

Ten eerste bleek bij de financiële auditcommissie, dat het aanleveren van de financiële stukken over 2019 geen problemen had opgeleverd, ondanks de beperkingen van de coronacrisis. Hiervoor dus complimenten, ook aan de betrokken ambtenaren.

Ten tweede is de verkoop van bedrijfsterreinen in 2019 dusdanig goed verlopen, dat er nu geen sprake meer is van het afboeken van bedrijfsterreinen. Buiten het schrappen van dit miljoenenrisico levert dit de gemeente ook structureel arbeidsplaatsen op en inkomsten gemeentelijke belastingen. Ook hiervoor hulde, ook aan de afdeling.

Dan de financiële stukken zelf.

Het is altijd belangrijk dat met het geld wat wordt uitgegeven zo goed mogelijk de resultaten die worden beoogd worden bereikt. Maar hebben wij hier voldoende zicht op?

De voorzitter van de rekenkamercommissie was tijdens de laatste auditcommissie zeer kritisch over het ontbreken van de koppeling tussen bestede middelen en bereikte doelen. Wij kunnen hem hierin steunen. In de jaarstukken wordt uitgebreid verhaald over alle activiteiten die zijn ontplooid, maar de koppeling met de bestede middelen om deze resultaten te bereiken ontbreken of zijn moeizaam te achterhalen.

Volgend jaar zal de opzet van de jaarrekening veranderen en wij adviseren het college dan ook ten stelligste, om met name aandacht te besteden aan het zichtbaar maken van deze koppeling van middelen en doelen.

Wij willen graag in deze beschouwing inzoomen op twee grote opgaven van de gemeente, waar wat ons betreft meer duidelijkheid moet komen over de ontwikkeling van het beleid.

Allereerst is dit het sociaal domein. Vorig jaar werd de raad meerdere malen onprettig verrast door de wethouder, meestal bij het punt ‘is er nog iets te melden vanuit het college?’. Als wethouder Slob dan naar het spreekgestoelte liep werd al gefluisterd “hoeveel ton gaat het tekort nu weer omhoog?”. Het antwoord viel altijd tegen.

Bij de begroting 2020 werd een taskforce aangekondigd die een miljoen aan bezuinigingen moest opleveren, maar inhoudelijk kwam dit voorstel pas enkele maanden later. Wel werden miljoenen gereserveerd om tekorten op te vangen.

In december kwam het taskforcebeleid in de raad, 30 voorstellen om in drie jaar 1,8 miljoen te bezuinigen. Maar om dit uit te voeren moest er wel eerst geld bij.

Vervolgens is in de 1e turap over de eerste drie maanden van het jaar een tekort van ruim 6 ton op het sociaal domein aangekondigd met een waslijst aan plussen en minnen. Tegelijkertijd wordt aangegeven dat de bezuiniging van 4 ton die de taskforce voor 2020 wil bereiken volgens planning verloopt, dat er in de kaderbrief wel een forse coronawaarschuwing wordt gegeven, dat bepaalde effecten moeilijk te meten zijn en dat een aantal vragen nog niet beantwoord kunnen worden, omdat dit pas in de taskforcerapportage van augustus bekend wordt.

Al met al lijkt het erop, dat de uitvoering van het beleid alle kanten op schiet en dat de omstandigheden de sturing bepalen. Dit terwijl wij aan de andere kant wel constateren dat de intenties goed zijn en dat er hard wordt gewerkt om alles zo veel mogelijk in goede banen te leiden.

De rapportages en uitwerkingen van beleid moeten wat B06 betreft dan ook duidelijker worden weergegeven, zodat we gericht keuzes kunnen maken en de budgetten doelmatig kunnen verdelen, zodat wij ons sociale beleid overeind kunnen houden.

De tweede grote opgave betreft duurzaamheid, gekoppeld aan de energie- en warmtetransitie. Volgens het Gelders energieakkoord moet de duurzame opwek in 2023 16% zijn, en moet in 2030 de CO2 uitstoot met 50% verlaagd zijn. Om deze percentages goed te kunnen duiden, moet duidelijk zijn hoe de jaarlijkse energie- en warmtevraag in Lingewaard fluctueert. Daarnaast moet duidelijk zijn welke doelen de gemeente wil bereiken met investeringen in duurzaamheid.

Van de 789.000,= euro aan uitgaven duurzaamheid in 2019 is een groot deel besteed aan onderzoeken naar Hoge Temperatuur Opslag, zonthermie, riothermie, windenergie en aquathermie. Deze onderzoeken kosten tonnen, maar wat dragen ze concreet bij aan de doelen van het Gelders energieakkoord? In de voorbereiding van deze vergadering hebben wij dit gevraagd, maar het antwoord moest schuldig gebleven worden.

Vorig jaar september heeft B06 al een motie ingediend om deze percentages zichtbaar te maken in het beleid. Volgens de wethouder was deze motie toen overbodig, omdat dit in de RES zou worden opgenomen. Naar nu blijkt is dit niet het geval en de wethouder verwijst naar een stuk wat in oktober komt, waarin een en ander duidelijker wordt.

Om de wethouder een handvat te geven naar oktober toe dienen wij wederom een motie in, om in oktober een dynamisch dashboard te presenteren aan de raad, waarmee duidelijk wordt:

-             Hoe fluctueert het energiegebruik en de CO2-uitstoot in Lingewaard?

-             In welke mate worden bij een investering in duurzaamheid de doelen van het Gelders Energieakkoord behaald?

-             Wat is het risico bij een investering in duurzaamheid, dat de doelen niet worden gehaald?

Beide beleidsvelden die wij hebben behandeld in deze beschouwing betreffen, toeval of niet, dezelfde wethouder. Voor de toekomst willen wij de wethouder dan ook de aloude wijsheid meegeven: Meten is weten, gissen doet missen.

Dit hebben we bereikt